Stadsrekening 2016
PCPortal

Onderwijshuisvesting

Beleidskader
Op 19 december 2007 heeft de Raad een besluit genomen over de doordecentralisatie (DDC) van onderwijshuisvestingsmiddelen van de gemeente naar de schoolbesturen. Met dit besluit is de zorg voor onderwijshuisvesting met alle bijbehorende middelen en verantwoordelijkheden, onder voorwaarden, voor onbepaalde tijd overgedragen van de gemeente aan de schoolbesturen.

In het kader van de evaluatie van de doordecentralisatie is in 2015 een herijking overeengekomen met de schoolbesturen. Een van de afspraken is, dat het streven om 70 % van de doorgedecentraliseerde schoolgebouwen te vernieuwen en 30% te renoveren, aangepast is naar 55 % nieuwbouw op een andere locatie en 45 % renovatie of nieuwbouw op de zelfde locatie. Door deze bijstelling zal nieuwbouw van schoolgebouwen meer dan voorheen op de huidige locaties gebeuren. Tot en met 2016 is daarvan gerealiseerd aan nieuwbouw 24,9% en aan renovaties 18,7%. Beide percentages samen bedragen 43,6% (op basis van m2 BVO) en zijn gebaseerd op de huidige systematiek qua indicatoren; het percentage van de nieuwbouwambitie is hierbij nog niet uitgesplitst naar nieuwbouw op bestaande locaties en nieuwbouw op nieuwe locaties. Daarnaast is bij het percentage uitbreidingen/renovatie niet de nieuwbouw op huidige locaties inbegrepen.

Medio 2016 is de herijking van de DDC overeenkomsten bevestigd middels ondertekening van de geconsolideerde DDC-overeenkomsten door alle betrokken schoolbesturen. In verband met deze geconsolideerde overeenkomst en monitoring zullen we bovenvermelde percentages op een andere wijze in beeld gaan brengen, aansluitend bij het aangepaste ambitiepercentage van 55% nieuwbouw op een andere locatie en 45% renovatie of nieuwbouw op dezelfde locatie.

In het kader van de herijking van doordecentralisatie is in een toevoeging aan de overeenkomst een bepaling opgenomen over de staat van onderhoud waaraan een schoolgebouw moet voldoen bij oplevering aan de gemeente. Deze bepaling luidt: Bij terug te leveren panden, die opnieuw gebruikt zullen worden hebben we minimale technische eisen (NEN-normen) gesteld en dat alle wettelijke keuringen voor het lopende kalenderjaar zijn uitgevoerd. Daarmee is het risico van het terug moeten nemen van gebouwen met achterstallig onderhoud weggenomen.
 
Doorgedecentraliseerd
Met name in de bestaande stad zijn vrijwel alle voorzieningen doorgedecentraliseerd. In 2016 zijn 91,8% van alle leerlingen doorgedecentraliseerd. Het streven is uiteindelijk om alle leerlingen onder de doordecentralisatie te laten vallen.
 
Niet-doorgedecentraliseerd
Drie schoolbesturen in de bestaande stad , de Stichting Simonscholen, Kristallis en de Stichting Speciaal Onderwijs Tarcisiusschool zijn niet doorgedecentraliseerd. Voor Nijmegen Noord geldt dit alleen voor De Oversteek, Het Talent en de VMBO locatie van het Citadel College. We streven ernaar om in principe alle voorzieningen voor onderwijshuisvesting door te decentraliseren. Zo zijn we in gesprek met het bevoegd gezag van basisschool De Uitdaging over doordecentralisatie van de te realiseren nieuwbouw in de wijk Grote Boel. De Uitdaging is met ingang van augustus 2016 tijdelijk gehuisvest in De Klif.  Daarnaast voeren we gesprekken over de huisvesting van Kristallis. Voor de VMBO locatie van het Citadel College wordt een doordecentralisatie-overeenkomst voorbereid.
 
Onderhoud schoolgebouwen
Het binnenonderhoud is voor alle onderwijs sectoren geregeld via de Materiële Instandhouding door het Rijk (OC&W). In het Voortgezet Onderwijs ligt vanaf 2005 de verantwoordelijkheid voor het buitenonderhoud geheel bij de schoolbesturen. Voor het Primair Onderwijs is dit wettelijk vanaf 1 januari 2015 zo geregeld.  De bekostiging voor onderhoud aan schoolgebouwen vindt rechtstreeks aan de schoolbesturen plaats door het Rijk. Zij verantwoorden hierover middels een te overleggen accountantscontrole aan het Rijk.
 
Financiële consequenties en vertaling in de begroting
Het totale budget voor onderwijshuisvesting bedroeg in 2016 € 16,8 miljoen. Daarvan is in 2016 € 16,9  miljoen gerealiseerd.